Cortisol: Slecht? Niet altijd – Te laag is óók gevaarlijk
Op social media wordt cortisol vaak afgeschilderd als “de boze stresshormoon”, iets wat je koste wat kost moet verlagen. Maar dat beeld is te eenzijdig. Te laag cortisol is minstens zo problematisch – en soms zelfs levensbedreigend.
Een laag cortisolgehalte ontstaat meestal door bijnierinsufficiëntie, zoals bij de ziekte van Addison (primaire oorzaak), of door een stoornis in de hypofyse (secundaire oorzaak). Ook langdurig gebruik van corticosteroïden, zoals prednison, kan leiden tot een onderdrukte HPA-as waardoor je lichaam zelf geen cortisol meer aanmaakt.
De symptomen van een te laag cortisolgehalte zijn vaak vaag, maar samen verontrustend: aanhoudende vermoeidheid, spierzwakte, duizeligheid bij opstaan, lage bloeddruk, buikklachten, en soms zelfs donkere verkleuring van de huid. Psychisch kun je te maken krijgen met neerslachtigheid, angst, of een volledig gebrek aan energie en stressbestendigheid.
In acute situaties – zoals bij ziekte of verwonding – kan een tekort leiden tot een Addisoncrisis: levensbedreigende bloeddrukdaling, shock, en bewustzijnsverlies. Dat vereist direct medisch ingrijpen met hydrocortisoninjecties.
De oplossing? Diagnose via bloedonderzoek (ochtendcortisol, ACTH) en als nodig levenslange vervangende therapie met hydrocortison of vergelijkbare middelen. Belangrijk is ook educatie: mensen met bijnierinsufficiëntie moeten stressdoses kunnen toedienen, en een SOS-kaart of -penning dragen.
Kortom: cortisol is geen vijand, maar een essentieel overlevingshormoon. De kunst is balans. Minder stress is goed – maar te weinig cortisol is een serieus gezondheidsrisico.

